Achtergrond ‘ In Nederland gaat het te eng over aantallen in plaats van over de inhoud sinecure is. Hij maakte voor een melkveehouder in de gemeente Emmen met architecten een schets voor een bedrijf met 960 koeien, verdeeld over 16 units van 60 koeien. Het plan strandde omdat de gemeente het te ingrijpend in het landschap vond. Galama denkt daarom ook regelmatig na over een regionaal model, met centrale voer- en mestcentra en waarbij elke tak van het melkveebedrijf op een gespecialiseerde eigen locatie plaatsvindt. „Een concept waarbij je de grondgebondenheid regionaal regelt, zeg maar een modern gemengd bedrijf met veel interactie tussen melkveehouders en akkerbouwers.” Afgeremd door bulkproductie Ook in de varkenssector zijn er diverse initiatieven om maatschappelijk verantwoord te produceren. Maar ook daar heeft de maatschappelijk verantwoorde megastal het licht nog niet gezien. Vrijwel elk initiatief moet het hebben van kleinschaligheid met uitloop waar dan een kleine meerprijs voor wordt betaald. Wil je groot, dan kom je in de bulk omdat voor de specialiteit dan vaak niet genoeg afzet is. En dat betekent ook het einde van de meerprijs waarmee je maatschappelijk verantwoord zou kunnen produceren. Varkenshoudster Annechien ten Have stelde in een recent opiniestuk een enigszins vergelijkbaar probleem aan de kaak. Ze probeert met het Lupinevarken een nieuw concept te ontwikkelen om uit de bulk te komen: diervriendelijker, lekkerder en beter voor het milieu. Voor die ontwikkeling heeft ze marge nodig, maar die wordt bedreigd omdat de NGO’s vaak al snel de nieuwe manier van produceren wettelijk willen verplichten. Weg marge, welkom terug in de bulkproductie. Het onderstreept dat er nog een lange weg te gaan is voordat er een megastal staat waar zowel de boer als de burger ‘happy’ van wordt. ’ Met extra inspanning megastal verdienen Sinds 1 juli 2014 is voor melkveehouders in provincie Groningen het Groninger Verdienmodel (GVM) van kracht. Melkveehouders die zich extra inspannen op thema’s zoals gezondheid van dieren, uitstoot van ammoniak en natuur en landschap kunnen uitbreidingsruimte verdienen. Daarnaast moeten melkveehouders in gesprek gaan met omwonenden en ervoor zorgen dat de nieuwbouw niet uit de toon valt in het landschap. Een ondernemer die voldoende inspanningen levert en voldoet aan een aantal randvoorwaarden, mag zijn bedrijf uitbreiden tot een bouwblok van maximaal 4 hectare. Andersom: voor wie hier niet aan kan voldoen, is de uitbreiding van het bouwblok boven de 2 hectare niet mogelijk. Het model moet de landbouwsector BOER EN BOUW 73 stimuleren om inspanningen te leveren die de landbouw in Groningen sterker, het landschap mooier en schoner en de betrokkenheid tussen boerenbedrijven en hun omgeving actiever maken. In de eerste fase is het Groninger Verdienmodel uitgewerkt voor de melkveehouderij. De bedoeling is dat er uiteindelijk ook varianten komen voor de akkerbouw en de intensieve veehouderij. Pagina 72

Pagina 74

Interactieve digitale handleiding, deze archief of whitepaper is levensecht online geplaatst met Online Touch en bied het online bladerbaar maken van internet cursussen.

Boer en Bouw 2015 Lees publicatie 10Home


You need flash player to view this online publication